KennisbankDiensten Forum en FunLedenkortingDe vereniging
  Zoek  



Lid worden?  
 
 
Volg ons ook op:

  Volg ons op facebook   Volg ons op twitter!                    

 
'Het paard'       
 
   
   
 
 
Het Groninger Paard       
 
 


Oorsprong

Het Groninger paard vindt zijn oorsprong bij het inlandse noordelijke paard zoals dat door de eeuwen heen in de gebieden langs de kust van de Noordzee is gefokt in ons land, Duitsland en Denemarken. Sinds ca. 1870 werd het gekruist met hengsten uit Oldenburg en Ost-Friesland.
Het werd vooral gebruikt in de landbouw, maar ook in het transport. Sinds ca. 1880 werd het Groninger paard in stamboekverband gefokt, waarbij ook sprake was van verspreiding over de andere provincies in ons land.
In de bloedopbouw van het Groninger paard komen dan ook de contacten met Ost-Friesland, Oldenburg en Holstein tot uitdrukking. 



In de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw was er sprake van een sterke afname van het gebruik van paarden als gevolg van de mechanisatie. Door dat het beter ging met de economie en de mensen meer geld beschikbaar hadden ontwikkelde zich de vraag naar paarden voor de rijsport, in het bijzonder voor de dressuur en het springen.
De Groninger paarden werden toen al gebruikt als landbouwrijpaard, maar men wilde iets meer rijtypische paarden, waardoor het Groninger paard (en ook het Gelderse paard) werd gekruist met Engels Volbloedhengsten, om daarna weer verder te kruisen met doorgefokte rijpaardhengsten uit Duitsland en Frankrijk.
Dit heeft tot gevolg gehad dat nagenoeg alle Groninger merries tot eind jaren zeventig van de vorige eeuw werden gekruist met andersoortige hengsten en de populatie nagenoeg was verdwenen.
Dank zij de grote inzet van een aantal mensen w.o. mevr. prof. Clazon werd in 1978 de laatste Groninger hengst Baldewijn gered van de slager en zijn door mensen pogingen ondernomen om Groninger merries op te sporen en te gebruiken voor de fokkerij. Het aantal merries dat kon worden gebruikt kwam nauwelijks boven de twintig. Hierbij is door o.m. Nanno Haaijer uit IJhorst ongelooflijk veel werk verzet en later heeft ook Henk Bouwman uit Vorden veel bijgedragen.
De eerste jaren waren moeizaam om merries bij Baldewijn te krijgen en van de fokkerij uit die periode is weinig overgebleven. Toch leidden de onderlinge contacten tot de wens om zaken in een meer georganiseerd verband te verzorgen, wat met een groep van ca. 25 liefhebbers op 25 februari 1982 uitmondde in de oprichting van de Vereniging “Het Groninger Paard”.

Typering
De omschrijving van een Groninger Paard, zoals genoemd in de statuten van de Vereniging Het Groninger Paard, is als volgt:
“Een zwaar, lang gelijnd warmbloed paard met een krachtige bouw, een sprekend hoofd, een gespierde middellange hals, voldoende schoft die soepel overgaat in een niet de lange sterke rug, een tamelijk schuine schouder, een brede en diepe zwaar gespierde romp, ronde welving der ribben, een zwaar ontwikkelde achterhand, massief beenwerk met platte pijpen en ruime harde voeten. Het temperament is gelijkmatig en toch voldoende levendig. Het paard is sober en werkwillig”. 

 

De stap is ruim en energiek, de draf is vlot en economisch, er is sprake van een voldoende goede galop. Ze kunnen langdurig grote werkprestaties leveren en hebben een goede gezondheid. Favoriete kleuren binnen de populatie zijn (donker)bruin en zwart met geringe witte aftekeningen. Andere kleuren komen ook voor, maar zijn minder algemeen.

Naamgeving van de veulens
De bij de vereniging geregistreerde merries krijgen een naam naar het inzicht van de fokker. De hengsten krijgen een naam die begint met dezelfde letter als die van de vader.

Brandmerk
Het brandmerk van de vereniging bestaat uit een gekroond klaverblad met de laatste twee cijfers van het levensnummer. Het klaverblad en de kleur groen zijn symbolen van onafhankelijke boeren en komen voor in de familiewapens in de kuststrook langs de Wadden, van Friesland tot in Denemarken. In Nederland mogen de paarden evenwel niet meer worden gebrand, daarom wordt het veulen alleen geschetst en gechipt.

Het gebruik
Het Groninger paard is uitermate geschikt als familiepaard, variërend van de dressuurwedstrijd van de zoon of dochter, via de buitenrit door de moeder tot het aangespannen rijden door de vader in al zijn variaties. Ook in de specialisatie zijn er tal van mogelijkheden.

Aangespannen
Het Groninger Paard is vanouds een best koetspaard door zijn werklust en zijn grote betrouwbaarheid. Aangespannen rijden is een activiteit die nog steeds aan populariteit wint. De Groninger is hiervoor bij uitstek geschikt door zijn rustige temperament, het gewillig karakter, de economische bewegingen, de werklust en het grote uithoudingsvermogen. Deze eigenschappen én zijn uitstraling door houding, front en kleur leveren een perfecte combinatie. Voor de wedstrijdsport en voor de recreatiemenner is het paard dus ideaal, wat o.m. blijkt uit de hengst Meinhold, die internationaal als vierspanpaard loopt.

Recreatie
Voor paardenliefhebbers die wat minder tijd kunnen besteden aan de training is het Groninger Paard ook op zijn plaats. Temperament en karakter stellen de ruiter in staat om met minder regelmatig rijden toch een gewillig en handelbaar paard onder het zadel te hebben.

Dressuur
Door zijn soepele, ruime gangen en het gemak waarmee hij te beleren is, heeft de Groninger een goede toekomst als dressuurpaard. Verschillende paarden lopen op Z niveau of hoger, wat ook het geval is met de hengsten die nu ter dekking staan of hebben gestaan, waaronder Falko, Farao, Floryan, Eendracht, Loek en Ramires . Ook elders in de wereld lopen Groningers tot op Grand Prix niveau, waarbij het telkens moeilijk blijkt ze te traceren.

Springen
Bij een aantal stammen en bij diverse hengsten zijn zeker springgenen aanwezig, wat blijkt uit het feite dat diverse Groninger paarden op nationaal niveau liepen w.o. de bekende Troongravin Anna met Jan Maathuis. Hoewel tot nu toe bij het Groninger paard de aandacht voor de dressuur het sterkst is geweest, groeit de belangstelling voor het springen met paarden met Groninger bloed. Hengsten als Gerlinus, Lancelot, Marengo, Noorderkroon, Romiro en Upperten sprongen zelf klasse Z (1.30 m.) of hoger. Hun nafok kan in de meeste gevallen ook een goede sprong maken.

Bron: Vereniging Het Groninger Paard

 
 
 
Gerelateerde boeken       
 
 
Groninger paard - multi talent - deel 1
 
 
 
Contact webmaster | Sitemap | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Privacy | Powered by Stal XL